Waar staat in de wetgeving dat ik als werkgever verplicht ben bij een externe preventiedienst aan te sluiten?
Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (B.S. 18.9.1996)
HOOFDSTUK VI. - Preventie- en beschermingsdiensten
Afdeling 1. - Algemene bepalingen
Art. 33.- § 1. Elke werkgever is verplicht een Interne Dienst voor Preventie en Bescherming op het werk op te richten.
Daartoe beschikt iedere werkgever over tenminste één preventieadviseur.
In de ondernemingen met minder dan twintig werknemers mag de werkgever zelf de functie van preventieadviseur vervullen.
Deze dienst staat de werkgever en de werknemers bij in de toepassing van de in de artikelen 4 tot 32 bedoelde maatregelen, die betrekking hebben op het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk.
§ 2. Indien de in § 1 bedoelde interne dienst niet alle opdrachten die hem krachtens deze wet en de uitvoeringsbesluiten zijn toevertrouwd zelf kan uitvoeren, moet de werkgever aanvullend een beroep doen op een erkende externe dienst voor preventie en bescherming op het werk.
§ 3. De Koning bepaalt de nadere regelen betreffende de werking, de vereiste bekwaamheden en de opdrachten van de Interne Dienst voor Preventie en Bescherming op het werk.
Terug naar overzicht
Ik heb enkel een dienstbode (of huispersoneel) in dienst, moet ik dan bij een externe preventiedienst aansluiten?
Vroeger niet; deze categorie van werknemers was immers niet bedoeld in de Welzijnswet.
Wel sinds de aanvulling door de Wet Geweld, Pesten en Ongewenst Seksueel Gedrag op het Werk, maar dan ook enkel voor dat luik. Moeten dus niet aan bv. Medisch toezicht onderworpen worden.
Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (B.S. 18.9.1996)
Artikel 1.- Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied en definities
Art. 2.- § 1. Deze wet is toepasselijk op de werkgevers en de werknemers.
Voor de toepassing van deze wet worden gelijkgesteld met:
1° werknemers:
a) de personen die, anders dan krachtens een arbeidsovereenkomst, arbeid verrichten onder het gezag van een ander persoon;
b) de personen die een beroepsopleiding volgen waarvan het studieprogramma voorziet in een vorm van arbeid die al dan niet in de opleidingsinstelling wordt verricht;
c) de personen verbonden door een leerovereenkomst;
d) de stagiairs;
e) de leerlingen en studenten die een studierichting volgen waarvan het opleidingsprogramma voorziet in een vorm van arbeid die in de onderwijsinstelling wordt verricht;
2° werkgevers: de personen die de onder 1° genoemde personen tewerkstellen.
§ 2. De bepalingen van hoofdstuk V zijn bovendien van toepassing op de personen die betrokken zijn bij de werkzaamheden betreffende tijdelijke of mobiele bouwplaatsen.
§ 3. De Koning kan de bepalingen van deze wet en van haar uitvoeringsbesluiten geheel of gedeeltelijk toepasselijk verklaren op andere dan de bij § 1 bedoelde personen die zich op de bij deze wet en haar uitvoeringsbesluiten bedoelde arbeidsplaatsen bevinden.
§ 4. Deze wet is niet […(5)van toepassing (5)]op de dienstboden en het andere huispersoneel en hun werkgevers [met uitzondering van de afdelingen 1 en 3 van Hoofdstuk Vbis.(5), betreffende de bescherming tegen geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk.]
Terug naar overzicht
Wie is onderworpen aan gezondheidstoezicht? Waarom moeten mijn werknemers op medisch onderzoek komen?
Gezondheidstoezicht is verplicht voor:
-
een veiligheidsfunctie
-
een functie met verhoogde waakzaamheid
-
een activiteit met welbepaald risico
-
een activiteit verbonden met voedingswaren
Bovendien bestaat er – inzake gezondheidstoezicht - een aparte reglementering voor:
- mindervalide werknemers
- jongeren
- werkneemsters tijdens de zwangerschap of de lactatie
- stagiairs, de leerlingen en de studenten
- uitzendkrachten
- PWA'ers
KB 23.03.1998 (BS 30.04.1998):
Art. 4.- § 1. De werkgever neemt de nodige maatregelen opdat de werknemers die een veiligheidsfunctie, een functie met verhoogde waakzaamheid, een activiteit met welbepaald risico, of een activiteit verbonden met voedingswaren uitoefenen, verplicht onder gezondheidstoezicht staan, en opdat de uitvoering van dit gezondheidstoezicht verloopt overeenkomstig de voorschriften van dit besluit.
§ 2. Het gezondheidstoezicht van werknemers is niet verplicht wanneer uit resultaten van de risicoanalyse die uitgevoerd is in samenwerking met de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer en die aan het voorafgaand advies van het Comité werd voorgelegd, blijkt dat dit niet nodig is.
Art. 2.- Voor de toepassing van de bepalingen van dit besluit wordt verstaan onder:
1° veiligheidsfunctie:
elke werkpost waar gebruik wordt gemaakt van arbeidsmiddelen, waar motorvoertuigen, kranen, rolbruggen, hijstoestellen van welke aard ook, of machines die gevaarlijke installaties of toestellen in werking zetten, bestuurd worden of nog waar dienstwapens worden gedragen, voor zover het gebruik van die arbeidsmiddelen, het besturen van die werktuigen en installaties of het dragen van die wapens de veiligheid en gezondheid van andere werknemers van de onderneming of van ondernemingen van buitenaf, in gevaar kan brengen;
2° functie met verhoogde waakzaamheid:
elke werkpost die bestaat uit het permanent toezicht op de werking van een installatie en
waar een gebrek aan waakzaamheid tijdens de uitvoering van het toezicht, de veiligheid en gezondheid van andere werknemers van de onderneming of van ondernemingen van buitenaf in gevaar kan brengen;
3° activiteit met welbepaald risico:
elke activiteit of werkpost waarvoor uit de resultaten van de risicoanalyse het bestaan blijkt van:
a) een identificeerbaar risico voor de gezondheid van de werknemer, te wijten aan de blootstelling aan een fysisch agens, een biologisch of chemisch agens;
b) een verband tussen de blootstelling aan een belasting van ergonomische aard of die verbonden is aan de zwaarte van het werk of aan monotoon en tempogebonden werk en een identificeerbaar risico op een fysieke of mentale werkbelasting voor de werknemer;
c) een verband tussen de activiteit en een identificeerbaar risico voor psychosociale belasting van de werknemer;
4° activiteit verbonden aan voedingswaren:
elke activiteit die een behandeling of een onmiddellijk contact inhoudt met voedingswaren of -stoffen die zijn bestemd voor consumptie ter plaatse of voor verkoop en die kunnen worden besmet of bezoedeld;
Onderafdeling 8.- Bijzondere bepalingen voor bepaalde categorieën werknemers
Art. 44.- Deze afdeling is van toepassing op:
1° de mindervalide werknemers die de werkgever moet in dienst nemen overeenkomstig artikel 21, § 1, van de wet van 16 april 1963 betreffende de sociale reclassering van de mindervaliden;
2° de jongeren op het werk zoals bedoeld in artikel 12, van het koninklijk besluit van 3 mei 1999 betreffende de bescherming van de jongeren op het werk, vervangen door het koninklijk besluit van 3 mei 2003;
3° de werkneemsters tijdens de zwangerschap of de lactatie zoals bedoeld in artikel 1 van het koninklijk besluit van 2 mei 1995 betreffende de moederschapbescherming
4° de stagiairs, de leerlingen en de studenten zoals bedoeld in artikel 2, § 1, tweede lid, 1°, d)en e), van de wet;
5° de uitzendkrachten zoals bedoeld in artikel 1 van het koninklijk besluit van 19 februari 1997 tot vaststelling van maatregelen betreffende de veiligheid en de gezondheid op het werk van uitzendkrachten;
6° de PWA'ers zoals bedoeld in artikel 4, § 2, van de wet.
Art. 45.- De werkgever treft de nodige maatregelen opdat de in artikel 44 bedoelde werknemers onderworpen worden aan een gepast gezondheidstoezicht.
De voorwaarden tot uitoefening van dit gezondheidstoezicht zijn vastgelegd in specifieke koninklijke besluiten die betrekking hebben op de bijzondere categorieën werknemers bedoeld in artikel 44.
Terug naar overzicht
Wie bepaalt er in mijn bedrijf wie onderworpen is aan gezondheidstoezicht?
Het is nog steeds de werkgever die op basis van de risicoanalyse een lijst opmaakt van onderworpen werknemers (art. 6. § 1.). Het KB Gezondheidstoezicht heeft wel enige precisering aangebracht: de werkgever mag die lijst van onderworpenen niet zomaar aanpassen of er mensen uit schrappen zonder het advies te vragen van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer en het Comité (art.7. § 2.)
Art. 6.- § 1. Op basis van de resultaten van de permanente risicoanalyse maakt de werkgever in functie van het totaal aantal tewerkgestelde werknemers volgende lijsten op en houdt deze bij:
1° een lijst met de veiligheidsfuncties, functies met verhoogde waakzaamheid en activiteiten
met welbepaald risico en activiteiten verbonden aan voedingswaren;
2° een naamlijst met de werknemers die verplicht aan het gezondheidstoezicht onderworpen zijn, met naast de naam van elke werknemer de aard van de effectief uitgeoefende veiligheidsfunctie, functie met verhoogde waakzaamheid of activiteit met welbepaald risico of activiteit verbonden aan voedingswaren;
3° een naamlijst met de werknemers die onderworpen zijn aan de verplichte inentingen of tuberculinetests;
4° een nominatieve lijst van de werknemers bedoeld in artikel 5, § 1.
Bovendien duidt hij voor elke activiteit met een welbepaald risico bedoeld in het eerste lid, 1° de aard van de fysische, chemische of biologische agentia, of het soort fysieke of mentale werkbelasting, of het soort psychosociale belasting veroorzaakt door het werk aan.
§ 2. De in § 1, 2° en 3° bedoelde naamlijsten vermelden bovendien voor elke werknemer:
1) naam en voornaam;
2) geslacht;
3) geboortedatum;
4) datum van de laatste verplichte gezondheidsbeoordeling.
Deze lijsten worden naamlijsten van het gezondheidstoezicht genoemd en worden bij het jaarlijks actieplan gevoegd.
Art. 7.- § 1. De werkgever bezorgt de betrokken preventieadviseur-arbeidsgeneesheer jaarlijks de in artikel 6, § 1, 1° bedoelde lijst. Laatstgenoemde onderzoekt deze lijsten en bezorgt de werkgever een advies, onder de vorm van een schriftelijk verslag, opgemaakt op grond van de resultaten van de permanente risicoanalyse en alle gegevens die hij nuttig acht. De werkgever voegt deze lijsten jaarlijks toe aan het jaarlijks actieplan en raadpleegt het Comité overeenkomstig de termijn vastgesteld in artikel
12 van het koninklijk besluit betreffende het beleid inzake het welzijn.
§ 2. De werkgever mag geen enkele werknemer schrappen die op de nominatieve lijst van het gezondheidstoezicht bedoeld in artikel 6, § 1, 2°, is ingeschreven, noch enige wijziging aan deze lijst aanbrengen, behalve als hij het akkoord bekomen heeft van de preventieadviseurarbeidsgeneesheer en het Comité. Ingeval van onenigheid vraagt de werkgever de tussenkomst van de geneesheer-inspecteur van de Medische Arbeidsinspectie die beslist om deze lijst al dan niet te wijzigen.
Art. 8.- § 1. Na eensluidend advies van het Comité, bezorgt de werkgever de betrokken preventieadviseur- arbeidsgeneesheer minstens één maal per jaar een afschrift van de eventueel aangepaste lijsten, bedoeld in artikel 6, § 1.
§ 2. Deze lijsten moeten de betrokken preventieadviseur-arbeidsgeneesheer in staat stellen de werknemers via de werkgever op te roepen om zich op de voorziene datum aan te bieden voor de periodieke gezondheidsbeoordeling of de nieuwe inentingen of tuberculinetests waaraan ze zich moeten onderwerpen en na te gaan of alle werknemers die aan het gezondheidstoezicht onderworpen zijn dit daadwerkelijk tijdig hebben ondergaan. Waar nodig herinnert hij de werkgever hieraan.
Terug naar overzicht
Kunnen mijn werknemers niet opgeroepen worden buiten hun werkuren?
Neen, medische onderzoeken moeten binnen de arbeidstijd gebeuren. Anders gezegd (als het niet binnen de normale werkuren kan): de hieraan bestede tijd zal als arbeidstijd moeten bezoldigd worden. De enige uitzondering hierop zijn voorafgaande gezondheidsbeoordelingen (aanwervingsonderzoeken), de gezondheidsbeoordelingen van een definitief arbeidsongeschikte werknemer, met het oog op zijn reïntegratie en het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting, zoals bedoeld in het KB van 04.07.2004, tot wijziging van het KB van 28.05.2003.
KB 28.05.2003 (BS 16.06.2003)
Art. 12.-
§ 1. De werknemers worden tijdens de werkuren onderworpen aan de medische onderzoeken, de inentingen en de tuberculinetests evenals aan de geneeskundige verstrekkingen bedoeld in artikel 15, § 1, tweede lid. De hieraan bestede tijd wordt als arbeidstijd bezoldigd en de verplaatsingsonkosten zijn ten laste van de werkgever.
§ 2. De preventieve handelingen die door de preventieadviseurs-arbeidsgeneesheren krachtens de bepalingen van dit besluit worden verricht, en de geneeskundige verstrekkingen, bedoeld in artikel 15, § 1, tweede lid, mogen voor de werknemers geen enkele uitgave meebrengen.
« § 3. Onder voorbehoud van de bepalingen betreffende de voorafgaande gezondheidsbeoordeling, de gezondheidsbeoordeling van een definitief arbeidsongeschikte werknemer met het oog op zijn reïntegratie en het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting, is elk verzoek om gezondheidstoezicht of elke oproeping van een werknemer om te verschijnen voor een afdeling of een departement belast met het medisch toezicht, hetzij buiten zijn gewone werkuren, hetzij tijdens de schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst, hetzij in de loop van de periode van vrijstelling van arbeid, absoluut nietig en heeft zij de absolute nietigheid van de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer tot gevolg. »
Dus alle medische onderzoeken in het kader van gezondheidstoezicht moeten tijdens de normale werkuren gebeuren, behalve:
- Een voorafgaande gezondheidsbeoordeling (aanwervingsonderzoek).
Dit onderzoek mag uitgevoerd worden vooraleer de arbeidsovereenkomst gesloten wordt, voor zover deze gezondheidsbeoordeling de laatste stap is in de procedure van werving en selectie en de arbeidsovereenkomst, onder voorbehoud van de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer, effectief tot stand komt. (Het kan ook uitgesteld worden tot maximum één maand na de aanwerving.)
- De gezondheidsbeoordeling van een definitief arbeidsongeschikte werknemer met het oog op zijn reïntegratie (zowel voor onderworpen als voor niet onderworpen werknemers)
Voorwaarden:
- de werknemer moet door de behandelende geneesheer definitief arbeidsongeschikt
zijn verklaard
- indien de werknemer gebruik wenst te maken van dit recht, moet hij dit per
aangetekend schrijven aan de werkgever aanvragen en hierbij het attest voegen van
de geneesheer die hem definitief ongeschikt verklaard heeft.
- Het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting (enkel voor onderworpen werknemers)
Voorwaarden:
- indien de werknemer gebruik wenst te maken van dit recht, moet hij dit schriftelijk aan
de werkgever aanvragen en hierbij zijn akkoord geven opdat de preventieadviseur-
arbeidsgeneesheer, die werd verwittigd door de werkgever, het medisch dossier van
de werknemer bij de behandelende geneesheer kan raadplegen en kan overleggen
met deze laatste.
Terug naar overzicht
Ik ga een werknemer aanwerven. Hij behoort tot de groep van onderworpen werknemers. Wanneer mag ik die sturen?
Een voorafgaande gezondheidsbeoordeling (aanwervingsonderzoek) kan voor de effectieve tewerkstelling in de functie; het kan zelfs voor het afsluiten van de arbeidsovereenkomst, op voorwaarde dat dit de laatste stap is in de werving- en selectieprocedure (dit is om te vermijden dat bedrijfsartsen selectieonderzoeken gaan doen, wat wettelijk niet mag). Het onderzoek mag ook uitgesteld worden tot de eerste maand van de proefperiode. (Vroeger was dat 14 dagen.)
KB 28.05.2003 (BS 16.06.2003)
Afdeling 5. - De verschillende vormen van gezondheidsbeoordeling
Onderafdeling 1. - Voorafgaande gezondheidsbeoordeling
Art. 26. De werkgever onderwerpt de volgende werknemers aan een voorafgaande gezondheidsbeoordeling:
1° de werknemers die in dienst genomen worden om te worden tewerkgesteld in een veiligheidsfunctie, een functie met verhoogde waakzaamheid, een activiteit met welbepaald risico of een activiteit verbonden aan voedingswaren;
2° de werknemers die in dienst zijn en aan wie een andere functie wordt toegewezen in de onderneming of inrichting, waardoor zij worden tewerkgesteld in een veiligheidsfunctie, een functie met verhoogde waakzaamheid of een activiteit met welbepaald risico, of een activiteit verbonden aan voedingswaren, waarin zij voorheen niet waren tewerkgesteld of waardoor zij voor het eerst in dergelijke functie of aan dergelijke activiteit worden tewerkgesteld.
Art. 27. Bij de voorafgaande gezondheidsbeoordeling neemt de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer zijn beslissing betreffende de geschiktheid van de werknemer, en deelt hij ze mee aan de werknemer en de werkgever, op één van de volgende ogenblikken :
1° in het geval bedoeld in artikel 26, 1°, vooraleer de werknemer effectief tewerkgesteld wordt in de desbetreffende functie of aan de desbetreffende activiteit;
2° in het geval bedoeld in artikel 26, 2°, vooraleer de wijziging van de functie of activiteit wordt doorgevoerd en voor zover deze wijziging effectief gebeurt, onder voorbehoud van de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer.
In afwijking van het eerste lid, 1° mag de voorafgaande gezondheidsbeoordeling en de betekening van de beslissing ook gebeuren :
1° hetzij tijdens de periode van het proefbeding, voor zover deze niet de periode van één maand overschrijdt, en tijdens dewelke niet eenzijdig een einde kan worden gemaakt aan de arbeidsovereenkomst, tenzij wegens dringende reden, overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten;
2° hetzij vooraleer de arbeidsovereenkomst gesloten wordt, voor zover deze gezondheidsbeoordeling de laatste stap is in de procedure van werving en selectie en de arbeidsovereenkomst, onder voorbehoud van de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer, effectief tot stand komt.
Terug naar overzicht
Mijn werknemer is ziek; kunnen jullie een controlegeneesheer sturen, of hem oproepen voor een controleonderzoek?
Arbeidsgeneesheren mogen geen controlegeneeskunde uitvoeren. De werkgever mag wel zelf een geneesheer aanduiden of beroep doen op een erkende controledienst zoals Contro-leuven, een dochtermaatschappij van Kamer van Koophandel.
KB 28.05.2003 (BS 16.06.2003)
Art. 23.- De preventieadviseur-arbeidsgeneesheer gaat in geen geval na of de afwezigheid van de werknemers om gezondheidsreden gegrond is. Om beter de doeltreffendheid van het preventieprogramma te kunnen inschatten, beroepsziekten op te sporen, risico's te identificeren en de mindervalide of gehandicapte werknemer, met het oog op herinschakeling in het arbeidsproces, werk te geven dat overeenstemt met zijn toestand, mag hij nochtans telkens hij het nuttig acht, bij de behandelende arts informeren naar de omstandigheden die de oorzaak kunnen zijn van die afwezigheid en naar de evolutie van zijn gezondheidstoestand.
Terug naar overzicht
Mijn werknemer wordt terug werken gestuurd door de adviseur van de mutualiteit, hij moet maandag beginnen. Mag ik hem nu vrijdag al op onderzoek laten komen?
Neen, dat kan ten vroegste op de dag waarop hij het werk hervat (tot de achtste werkdag daarna).
KB 28.05.2003 (BS 16.06.2003)
Art. 35.- Na minstens vier weken afwezigheid wegens om het even welke ziekte, aandoening of ongeval of wegens bevalling, worden de werkne(e)m(st)ers tewerkgesteld aan een veiligheidsfunctie, functie met verhoogde waakzaamheid, een activiteit met welbepaald risico, of een activiteit verbonden aan voedingswaren, verplicht aan een onderzoek bij werkhervatting onderworpen. Wanneer de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer het nodig oordeelt wegens de aard van de
ziekte, de aandoening of het ongeval, kan dit onderzoek plaats vinden na een afwezigheid van kortere duur. Dit onderzoek gebeurt ten vroegste op de dag waarop het werk of de dienst wordt hernomen en ten laatste op de achtste werkdag daarna.
Art. 12.-
§ 1. De werknemers worden tijdens de werkuren onderworpen aan de medische onderzoeken, de inentingen en de tuberculinetests evenals aan de geneeskundige verstrekkingen bedoeld in artikel 15, § 1, tweede lid. De hieraan bestede tijd wordt als arbeidstijd bezoldigd en de verplaatsingsonkosten zijn ten laste van de werkgever.
§ 2. De preventieve handelingen die door de preventieadviseurs-arbeidsgeneesheren krachtens de bepalingen van dit besluit worden verricht, en de geneeskundige verstrekkingen, bedoeld in artikel 15, § 1, tweede lid, mogen voor de werknemers geen enkele uitgave meebrengen.
« § 3. Onder voorbehoud van de bepalingen betreffende de voorafgaande gezondheidsbeoordeling, de gezondheidsbeoordeling van een definitief arbeidsongeschikte werknemer met het oog op zijn reïntegratie en het bezoek voorafgaand aan de werkhervatting, is elk verzoek om gezondheidstoezicht of elke oproeping van een werknemer om te verschijnen voor een afdeling of een departement belast met het medisch toezicht, hetzij buiten zijn gewone werkuren, hetzij tijdens de schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst, hetzij in de loop van de periode van vrijstelling van arbeid, absoluut nietig en heeft zij de absolute nietigheid van de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer tot gevolg. »
Terug naar overzicht
Mijn werknemer is in ziekteverlof. Zijn attest loopt nog tot het einde van de maand, maar hij wil vroeger hervatten. Kan dat zomaar?
Ja. Een werknemer heeft het recht om vervroegd het werk te hervatten. Een werkgever kan geen attest van ‘arbeidsgeschiktheid’ eisen. Het feit dat de werknemer zich opnieuw aanbiedt om te werken is volgens de rechtspraak een voldoende bewijs van arbeidsgeschiktheid. Wel moet hij de werkgever minstens de dag vooraf verwittigen (vooral belangrijk in het kader van de arbeidsongevallenverzekering en een mogelijk woon-werk-ongeval).
Er zijn maar twee uitzonderingen, waarbij de werkgever toch een geneeskundig onderzoek kan eisen voor de werkhervatting: ten eerste indien dit zo is voorzien in het arbeidsreglement en ten tweede voor de onderworpen werknemers aan gezondheidstoezicht (verplicht indien zij minstens 4 weken afwezig waren).
Dit laatste onderzoek gebeurt ten vroegste op de dag waarop het werk of de dienst wordt hernomen en ten laatste op de achtste werkdag daarna.
Terug naar overzicht
Ik heb een werknemer die niet op medisch onderzoek wil komen. Kan ik hem verplichten?
De reglementering is hierin zeer streng. Bovendien legt zij de verantwoordelijkheid bij de werkgever. Hij mag namelijk iemand die zich onttrekt aan de verplichte onderzoeken of inentingen niet eens in dienst houden. De werkgever zou dit argument kunnen gebruiken om de betrokkene te overtuigen.
KB 28.05.2003 (BS 16.06.2003)
Art. 13.- De werknemers die zich onttrekken aan de preventieve medische onderzoeken waaraan zij zich krachtens de bepalingen van dit besluit moeten onderwerpen, alsook de werknemers die aan de verplichte inentingen of tuberculinetests zijn onderworpen maar niet beschikken over een geldig bewijs of over een geldige kaart, opgesteld overeenkomstig bijlage V bij het koninklijk besluit van 4 augustus 1996 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico's van blootstelling aan biologische agentia op het werk en ondertekend door een arts, mogen door de werkgevers niet aan het werk worden gesteld of gehouden.
Terug naar overzicht
Wie moet een geneeskundige schifting (rijgeschiktheidsattest) hebben?
KB 23.03.1998 (BS 30.04.1998), gewijzigd door KB van 31.10.2008 (BS van 10.11.2008)
1. de diensten voor geregeld, bijzondere vormen van geregeld en ongeregeld vervoer, respectievelijk bedoeld in de artikelen 3, 11 en 14 van de besluitwet van 30 december 1946 betreffende het bezoldigd vervoer van personen over de weg met autobussen en met autocar;
2. de taxidiensten bedoeld in artikel 1, §1 van de wet van 27 december 1974 betreffende de taxidiensten;
3. de verhuurdiensten met chauffeur bedoeld in artikel 1 van het koninklijk besluit van 19 maart 1975 betreffende de diensten voor het verhuren van voertuigen met chauffeur;
4. het vervoer van personen met ambulance, zoals bedoeld in artikel 1, § 2, 12, van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.
5. het bezoldigd leerlingenvervoer
6. de instructeurs van de rijscholen die het praktische onderricht verstrekken
7. de kandidaat voor een rijbewijs geldig voor de categorie C, C+E, D of D+E of voor de subcategorie C1, C1+E, D1 of D1+E
Hogergenoemde rijbewijzen moeten ten laatste om de vijf jaar hernieuwd worden.
Terug naar overzicht
Blijkbaar heeft iemand van jullie dienst een afspraak gemaakt voor een bedrijfsbezoek. Waarvoor dient zo'n bedrijfsbezoek? Wat gebeurt er bij zo'n bezoek?
Eén van de wettelijke opdrachten van een externe preventiedienst is de aangesloten werkgevers met een bepaalde regelmaat te bezoeken om hen advies en bijstand te geven bij alle aspecten die te maken hebben met de veiligheid en gezondheid (welzijn) van hun werknemers.
KB 27.03.1998 betreffende de Interne Dienst voor preventie en bescherming op het Werk (B.S. 31.3.1998; Errata: B.S. 11.6.1998)
Art. 7.- § 1. Om deze opdrachten te vervullen zijn de preventieadviseurs ertoe gehouden ten minste de volgende taken uit te oefenen:
1° In het kader van de permanente risicoanalyse en het opstellen en het bijsturen van het globaal preventieplan en het jaaractieplan:
a) verrichten van veelvuldige en systematische onderzoeken op de arbeidsplaats, hetzij op eigen initiatief, hetzij op vraag van de werkgever, hetzij binnen de kortst mogelijke tijd na een aanvraag van de werknemers of hun vertegenwoordigers;
b) op eigen initiatief, op vraag van de werkgever of op vraag van de betrokken werknemers de werkposten te onderzoeken telkens wanneer een werknemer die op die werkpost wordt tewerkgesteld wordt blootgesteld aan de verhoging van de risico’s of nieuwe risico’s;
c) ten minste één maal per jaar een grondig onderzoek verrichten van de arbeidsplaatsen en van de werkposten;
d) onderzoeken doen naar aanleiding van arbeidsongevallen en incidenten die zich op de arbeidsplaats hebben voorgedaan;
e) de nuttige, de nodige en pertinente onderzoeken en opsporingen verrichten voor de verbetering van het welzijn van de werknemers;
f) zelf analyses of controles uitvoeren of doen uitvoeren onder de voorwaarden bepaald door de wet en de uitvoeringsbesluiten;
g) kennis nemen van de fabricageprocédés, werkmethodes en arbeidsprocessen en ze ter
plaatse onderzoeken en maatregelen voorstellen om de risico’s te verhelpen die eruit voortvloeien;
h) de nodige documentatie bijhouden waarvan de inhoud bepaald is in bijlage I;
i) in geval van dringende noodzakelijkheid en de onmogelijkheid om op de directie beroep te doen, zelf de nodige maatregelen treffen om de oorzaken van het gevaar of hinder te verhelpen.
Terug naar overzicht
Hoe zit dat met PWA-ers en werknemers met dienstencheques?
Over de toepasselijkheid van de welzijnsreglementering op de PWA- en Dienstenchequewerknemers bestaat er enige onduidelijkheid.
Het juridisch statuut van beide soorten werknemers verschilt dan ook grondig:
- een PWA-er heeft géén echte arbeidsovereenkomst : tussen het PWA-gentschap en de betrokkene is er enkel een speciaal document waarin de wederzijdse rechten en plichten vastgelegd worden ;
- een werknemer met dienstencheques heeft wèl een volwaardige arbeidsovereenkomst.
Op het vlak van de welzijnsreglementering kunnen we het volgende onderscheid maken:
PWA-werknemers:
- tewerkgesteld bij een gewoon particulier gebruiker:
Het algemeen principe is dat bij een PWA-overeenkomst de particulier gebruiker tijdens de periode van tewerkstelling verantwoordelijk is voor de naleving van de welzijnsreglementering toepasselijk op de arbeidsplaats.
Wanneer echter de PWA-er activiteiten in huishoudelijk verband verricht bij een particulier gebruiker, dan wordt hij of zij beschouwd als huispersoneel, met als gevolg dat de welzijnsreglementering niet van toepassing is.
Hierop is een belangrijke uitzondering: De reglementering i.v.m. pesten op het werk en de moederschapsbescherming dient nageleefd door de particuliere gebruiker.
- tewerkgesteld bij een niet-particulier gebruiker (VZW, onderwijsinstelling, gemeente…):
Dan is in deze situatie de gebruiker verplicht alle bepalingen van de Welzijnswet na te leven.
Dienstencheque-werknemers:
Vermits deze werknemers met de erkende onderneming gebonden zijn via een volwaardige arbeidsovereenkomst, worden zij NOOIT beschouwd als huispersoneel en moet de erkende onderneming instaan voor het naleven van de welzijnsreglementering, m.i.v. de bepalingen inzake moederschapsbescherming en pesten op het werk.
Terug naar overzicht