Hepatitis C
Je bent hier:

Hepatitis C

Deel dit artikel:

Hepatitis C is een van de meest voorkomende vormen van chronische leverontsteking. Waarschijnlijk is tenminste 2 à 3% van de wereld bevolking ermee besmet.

Besmetting

De huid en het slijmvlies van het menselijk lichaam vormen een vrij goede barrière tegen indringers van buiten af. Infectie door het hepatitis C virus kan dan ook alleen maar optreden als deze natuurlijke barrière wordt beschadigd., zoals bij snij- & prikwonden, transfusies,…

Het virus kan overgedragen worden: 

  • via bloedproducten: zoals bloedtransfusie, behandeling van hemofilie (bloedstollingsziekte),.. Het hepatitis C virus zou aan de basis liggen van de meeste posttransfusie-hepatitis.
  • door gebruik van besmet naalden & ander materiaal: zoals druggebruik, tatoeage, piercing, gemeenschappelijk gebruik van scheermesjes, …

Ziektetekens & duur

De incubatietijd (dit is de tijd die het virus nodig heeft om actief te worden in het lichaam) voor het hepatitis C virus bedraagt 5 tot 12 weken. Het virus-DNA is 15 dagen na het besmettend contact detecteerbaar in het bloed van de geïnfecteerde.

De overgrote meerderheid van de patiënten die besmet zijn met hepatitis C hebben geen specifieke klachten of geheel geen klachten. Meer dan de helft van de geïnfecteerden weet dan ook niet dat ze besmet zijn, want ze voelen zich de eerste 10 tot 20 jaar na de besmetting nog gezond. Daardoor is hun lever vaak al sterk beschadigd op het ogenblik dat de diagnose wordt gesteld.

Opsporing

De infectie kan alleen worden opgespoord door middel van bloedtesten. Op basis van antilichamen tegen het virus in het bloed wordt vastgesteld of iemand met het virus in contact is geweest of nog is. De antistoffen die u tegen het virus hebt aangemaakt, blijven in het bloed aanwezig, ook als het virus zelf is verdwenen.

Voor wie is deze test aangewezen?

  • Personen die een zware chirurgische ingreep hebben ondergaan of een bloedtransfusie hebben gekregen voor 1992.
  • Personen die, ook al is het maar één keer in hun leven en zelfs al is het lang geleden, intraveneus drugs hebben gebruikt of drugs hebben gesnoven,
  • Personen die samenleven of hebben samengeleefd met een persoon die geïnfecteerd is met hepatitis C.
  • Kinderen van hepatitis C virus-positieve moeders.
  • Personen die een tatoeage of een piercing hebben laten zetten, mesotherapie of acupunctuur hebben ondergaan waarbij geen wegwerp- of persoonlijke naalden werden gebruikt.
  • Personen die werden verzorgd in landen van Zuidoost-Azië, het Midden-Oosten, Afrika of Zuid-Amerika.
  • Patiënten die positief zijn voor HIV of hepatitis B.
  • Personen die in de gevangenis zitten of hebben gezeten.

Voorzorgsmaatregelen - preventie

Behalve een goede screening van bloedproducten en het vermijden van prikaccidenten, is er geen adequate preventie van hepatitis C mogelijk. Er bestaat geen vaccin.